Zo werd jenever na honderd jaar gin

24:50
Gezien
6
Bij aflevering Gin

Gin is hét drankje van het moment, of zo lijkt het in ieder geval, met de hoeveelheid soorten gin en gin-tonic die overal te krijgen zijn.

Maar gin bestaat al heel lang, en heeft een bewogen geschiedenis die verder reikt dan enkel het zijn van een ‘hip drankje’.

Het verhaal begint met jenever, of eigenlijk, met brandewijn. Brandewijn is gedestilleerde wijn en bevat zo’n 35 tot 40 % alcohol. In de Middeleeuwen werd deze brandewijn gebruikt als medicijn. Om die medicinale werking te versterken werden er kruiden aan toegevoegd, de jeneverbes was er één van. En juist die jeneverbes-brandewijn werd populair. De ‘jenever’ is geboren. 

Toen de Engelsen tijdens de tachtigjarige oorlog in 1568 naar Nederland kwamen om te helpen de Spanjaarden te verslaan, kregen ze van de Nederlandse soldaten een slok jenever voor ze ten strijde trokken. Dit is waar de Engelse uitspraak “Dutch Courage” vandaan komt: het beschrijft de moed die je krijgt als je gedronken hebt.

De Engelsen waren zo gecharmeerd van het drankje dat ze het mee naar hun thuisland namen. Hier werd de Nederlandse term ‘jenever’ samen met de Franse versie ‘genièvre’ (beiden komen van de Latijnse naam voor de jeneverbes: juniperus) verhaspeld tot het simpele ‘gin’. 

Toen Willem van Oranje in 1689 de Engelse Troon bezette mocht ineens iedereen zelf alcohol stoken. De Engelsen ontwikkelden een eigen destilleermethode voor gin, waardoor jenever en gin twee aparte dranken zijn geworden. Arbeiders werd soms in gin uitbetaald en door de lage prijs werd het een populaire (en verwoestende) drank onder de armen. 

De jeneverbes –met de smaak van dennen en citrus– blijft voor zowel gin als jenever onmisbaar. Het verschil ligt in het alcoholpercentage en het distilleer product. Het alcoholpercentage van gin is wettelijk vastgesteld op minimaal 37.5%. Dat is meer dan er in jenever hoeft te zitten. Jenever wordt eigenlijk altijd puur gedronken, of met een biertje ernaast (kopstoot). 

Als er ‘graanjenever’ op de fles staat komt de alcohol voor 100% uit graan (zoals bij moutwijn) en lijkt dan dus het meest op de traditionele jenever die uit moutwijn, gerst of suikerbiet werd gedistilleerd. Als je nog jenever van brandewijn wil drinken kies dan voor korenwijn. Sinds de 19e eeuw is er ook een jonge variant die uit de fabriek komt en met neutrale alcohol wordt gemaakt.

Voor gin stook je pure neutrale alcohol waaraan botanicals – kruiden – toegevoegd worden. Die botanicals geven gin de smaak. Gin drink je eigenlijk nooit puur, daar is het voor veel mensen te droog voor. Daarom mixen we het met tonic, maar ook sappen en stukken komkommer of gember zie je tegenwoordig veel.


Geschreven door: Cilia Hulspas