08-05

'Ik dacht, dit is het laatste wat ik hoor'

Als Annemiek (27) naar de middelbare school gaat, is ze echt nog een kind. Ze is druk en enthousiast. Haar puberende klasgenoten vinden dat ze normaal moet doen en maken haatopmerkingen.

Op haar vijftiende begint ook één van haar eigen vriendengroepen haar te pesten en komt ze zelf in de pubertijd. Ze wordt daardoor steeds onzekerder en dan komt alles binnen. 

“Ik begon me veel slechter te voelen, ik was vaker moe, veel verdrietiger en kon niet meer genieten van dingen. Ik raakte in paniek. Overal waar ik was, kreeg ik het gevoel dat ik weg moest, dat ik wilde verdwijnen. Niemand mocht meer last van mij hebben.

Ook op school ging het steeds slechter, waardoor ik in de kerstvakantie in 5 VWO een intense paniekaanval kreeg die maar terug bleef keren. Ik had een stemmetje in mijn hoofd dat continu ‘ik kan het niet! Ik kan het niet!’ zei. Ik ging heel veel studeren, maar ik nam niks meer in me op. 

Redding
Toen grepen mijn ouders in. ‘Annemiek dit gaat niet goed, dit moet stoppen.’ Mijn ouders zijn mijn redding geweest, zonder hen zou ik er niet meer zijn. 

In die kerstvakantie ben ik halsoverkop naar een andere school gegaan, waar ik instroomde in 4 havo. Ik voelde me zó niet meer op mijn gemak in de klas op mijn oude school. Dat werd me niet in dank afgenomen. Ik werd voor psychopaat uitgemaakt en op een lokale voorloper van Facebook werd een profiel voor me aangemaakt waar mijn oude klasgenoten rare berichtjes mee verstuurden. 

Schaamte
Op dat moment ben ik ook gestart met therapie, waar ik me ontzettend voor schaamde. Ik dacht dat ik gek aan het worden was. ‘Wat heb ik nou te klagen? Ik heb de liefste ouders die er zijn, er zijn geen echt heftige dingen gebeurd, wat heb ik nou?’ zei ik tegen mezelf.” 

Het laatste jaar havo is een waas voor Annemiek. Ze heeft veel last van paniekaanvallen en gaat weinig naar school, maar haalt desondanks haar diploma. Daarna begint ze aan een studie in Amsterdam, maar komt er snel achter dat ze er nog niet klaar voor is. Ze gaat terug naar haar ouders in Apeldoorn, waar ze instroomt op de avondschool om haar Atheneum af te maken en dan neemt ze een drastisch besluit. 

Poging
“Het was een novembernacht waarin ik de hele nacht wakker lag en ik in een soort trance raakte. Mijn wereldje werd zo klein en ik kon alleen maar denken dat het beter was als dat wereldje zou ophouden. Ik deed toen een poging tot zelfdoding. Ik heb muziek aangezet en dacht: Dit is het laatste wat ik hoor. Ik had op dat moment een soort berusting, ik vond het oké. 

Ik weet niet hoelang ik er al lag toen mijn ouders me 's ochtends vonden. Nadat zij me hebben gered heb ik de hele dag geslapen. 

Die avond ben ik met mijn vader gaan wandelen en heb ik een goed gesprek met hem gehad. Hij was daarin heel open en begripvol. Dat heeft er wel voor gezorgd dat ik dit achter me kon laten. 

Een jaar later begon ik in Groningen met mijn studie theaterwetenschappen. Inhoudelijk zat ik daar echt op m’n plek, maar toch kreeg ik in de kerstvakantie van dat jaar weer hele heftige paniekaanvallen. Ik had mezelf opgesloten in de wc en riep: ‘Ik kan het niet meer, ik wil zo graag, maar het lukt niet!’ 

Medicatie
Ik had alle therapieën al een kans gegeven en dat deed het hem gewoon niet. ‘Dan maar medicijnen’, zei ik. Ik ben naar het UMCG gegaan en daar kreeg ik een psycholoog die ook psychiater was. Dat was de eerste hulpverlener in vijf jaar die echt naar me luisterde. Daar naartoe gaan was de beste beslissing van mijn leven. 

Nadat we de dosis verhoogden ging het echt goed. Ik voelde me lekkerder, ik kon weer genieten van dingen en vond mijn leven leuk. Van mijn 21ste tot mijn 24ste ben ik depressievrij geweest.” 

Terugval
Als Annemiek in het tweede jaar van haar master zit, komt de depressie terug. Ze voelt zich vreselijk slecht, maar is vastberaden om af te studeren en slaagt als eerste van haar jaar. Ze komt daarna in rustiger vaarwater en opnieuw uit haar depressie.

Op dit moment is Annemiek een jaar depressievrij en gaat het goed. Ze woont samen met haar vriend Tom en hun hondje in Amsterdam. Daarnaast is ze tourmanager van de voorstelling Ma. Ze slikt nog steeds medicatie. En hoewel de antidepressiva werken voor haar, is dat niet haar belangrijkste medicijn: “Ik denk dat liefde het belangrijkst is. Dat je van mensen houdt en dat er van je gehouden wordt. Dat je er mag zijn van een aantal mensen.” 

Geschreven door: Maic Oudejans

Foto credits: Rosemary Dekker 

Wil jij praten over psychische problemen als depressie, maar ook problemen als verslaving, zelfbeschadiging, (seksueel) misbruik of hoe je aan iemand vertelt dat je psychische problemen hebt? Zoek dan anoniem contact met een hulpverlener van MIND Korrelatie via www.mindkorrelatie.nl (chat, WhatsApp, telefoon en mail).